Maandelijks archief: augustus 2010

No pain, no gain.

Auw, dat is al wat ik zeg.

Goed daar gaan we weer. Recht uit de kroeg opnieuw bij jou. Wat fijn dat je er bent. Het plan was natuurlijk om al aan het begin van de avond mij volledig aan je te wijden, maar ja, daar ging de telefoon met het verzoek van een goede vriend om even wat te drinken en bij te kletsen in het enige leuke gaycafe van Den Haag. Briljant idee natuurlijk! Helemaal omdat hij bereid was mij te sponsoren in mijn huidige krappe liquide toestand. Wat hij obviously dik en dwars terug gaat krijgen als ik eenmaal binnenloop als Schrijver. Een moment waar hij en ik halsreikend naar uitkijken, dat snap je.

Anyway, waar zal ik het eens met je over hebben in dit verschrikkelijk persoonlijke bijna dagboek. Ik als absolute niet-dagboekschrijver. Wel, wat zal ik zeggen. Ik heb een grijze, bijna zwarte week achter de rug. Heb mezelf in de weg gezeten, heb rust gepakt die fysiek nodig was maar die mentaal terug smakte in mijn gezicht en heb menige traan gelaten. Ja, het wordt nu wel erg persoonlijk dat begrijp ik, je mag afhaken. Mijn permissie heb je. Dit is het moment om dat nog veilig te doen. Ga maar, ik moet het toch alleen doen zoals je weet. Voor zij die blijven, ik neem geen verantwoordelijkheid voor wat er komt. Of toch niet voor wat het veroorzaakt (ach de pretentie van een wannabe Schrijver..).

Kijk, vorige week had ik het over het goud van vriendschap en het zilver van liefde. Laat ik zeggen dat de afgelopen week bol stond van dat blikkerende onbereikbare dan wel verloren zilvergoed. Van de gaten die dat heeft geslagen in mij. De zilveren messen die mij hebben doorkliefd, de vorken die mij lek hebben geprikt en de zilveren kandelaars die na het ontvlammen, zijn omgevallen en uitgedoofd. De eenzaamheid van het Schrijverschap is er niets bij. Rauwer dan dit verdoffende zilver is niet te vinden. En oppoetsen weiger ik simpelweg. Daar is niemand bij gebaat. Hoe doorsta je dat?, vraag je je misschien af. Tja, hard op je tanden bijten en stug doorgaan, dunkt mij. Wie weet ligt daar mijn enorme bijtreflex wel aan ten grondslag. Sommigen kunnen daarover meepraten.

Dat klinkt wel erg zwaar op de hand en negatief en wat al niet meer. Het zij zo. Ik schrijf niet alleen maar over de vrolijke dingen in het leven. Als dat het enige is, dan is het uiteindelijk niet zo boeiend. Mijn highs zijn machtig mooi, maar zij bestaan bij gratie van mijn lows. Ik zei het al eerder, een alles of niks meisje. Zonder pijn, zonder miserie, zonder erbarmen met mijzelf en om mij, geen leven. Geen leren. Geen rijpen. Alles heeft een prijs. Zo moet ik bijvoorbeeld opstaan van mijn stoel om mijn vodka bij te schenken..heel naar. Nee, zonder gekheid, zoals ik niet zonder vriendschap en liefde kan, kan ik ook niet zonder pijn. I wish it were different, omwille van die helse pijn, maar dat zit er niet in. Damn! How fucked-up can you be. Well, pretty much I can tell you. En toch ben ik best lief en schattig en makkelijk in de omgang, echt waar! Maar daar probeerde ik je al eerder van te overtuigen, geen idee of het lukt, maar laat mij maar in die waan, ok?

Pijn dus. Vandaag werd mij die vraag oprecht gesteld. Kun en wil je zonder pijn in je leven? Het eerlijke en simpele antwoord is nee. Je denkt, wie stelt nu zo’n vraag? Goed punt, alhoewel, als dit soort vragen geen deel uitmaken van je conversaties, kun je je ook afvragen of je wel echte, wezenlijke gesprekken hebt. Anyway, ik verzuchtte en antwoordde naar waarheid: nee. No pain, no gain. Dat geldt voor wie mooi wil zijn, en geloof me, ik heb menig paar killershoes zoals ik ze placht te noemen, om maar een voorbeeld te geven. Maar het geldt ook voor wie eerlijk wil zijn, wie zichzelf recht in de ogen wil kunnen kijken en vooral voor wie zich wil ontwikkelen als mens. Dat vraagt om een spiegel. En die is altijd confronterender als een ander dan jijzelf ‘m in handen heeft en voor je houdt. Recht voor je neus. En je dwingt om daar in te kijken en antwoord te geven. Well my darling you, zo’n gesprek had ik vanmiddag. Waarom dat vertel ik nog wel eens.

En hoeveel ik ook weet van mijn verleden, van mijn rode levensdraden, mijn verdriet, van mijn hoop, mijn valkuilen, gebreken en mijn krachten, wederom keek ik in die spiegel en zag ik nieuwe dingen. Moest ik toegeven en bekennen dat ik mijzelf probeer te misleiden. Te verleiden om dingen wel en niet te zien. Moest ik kleur bekennen en bekennen dat ik kleur. Flink wat kloddertjes roze te veel. De perfecte afsluiter van een toch al doordringende week. Tja. We leren en leren en leren, zullen we maar zeggen.

Waarschijnlijk denk je nu, waar gaat dit nu over? Wat is heftig? Wat zag je in die spiegel? Ik kan me voorstellen dat je je dat afvraagt. Ik kan er alleen geen eenduidig en simpel antwoord op geven. Nu ja, niet zo open en bloot hier, al ben ik dan enigszins exhibitionistisch. Behalve misschien dat ik het zilver dat ik de afgelopen jaren in handen heb gehad nog altijd koester en helaas toch nog af en toe oppoets. Helaas, want al ben ik bezig met dat zilver liefhebbend op te bergen in een veilige lade – hetgeen beter zou zijn voor mij- ik haal het er nog regelmatig uit om het even te wegen in mijn handen, het te voelen op mijn huid en erover te mijmeren. Ik ben nog niet in staat om het op te bergen, al dacht ik van wel, ik kan en wil het niet. Ik vrees zelfs na vandaag dat ik het nooit echt zal willen opbergen. Want kunnen kan als je wil. Dat geloof ik heilig. Maar ik wil dus helemaal niet. Dat zei mijn spiegel me vandaag. Ik wil nog niet loslaten. En de vraag is of ik ooit wil en dus kan. En dat heet dan zo mooi self conflicting pain. Of zoiets. Of whatever. Zelf dus. Ik doe het allemaal zelf.

En ziehier, opnieuw een cirkel rond. Niemand doet het voor je. Je bent altijd zelf verantwoordelijk. Voor alles. Al je vreugde, al je pijn. Lees er Only Fear Dies van Barry Long maar op na. Maar pas op, heftig, confronterend boek, dat je leven verandert als je het echt leest. Dus begin er niet lichtvaardig aan. Ook de visual die mij werd meegegeven vandaag omvatte die eenzame kern. Vreselijk raak, om er wanhopig van te worden. Hetgeen ik ook bijna werd na afloop. Gelukkig worden mijn lows, hoe diep of ondiep ze ook zijn, altijd gevolgd door highs. Dat is dan wel een zekerheid waar ik op kan bouwen. Hoera voor sommige consistenties in mijn armzalige leven van het zondagskind dat ik ondanks alles ben!

Daarom ben ik ook weer hier bij jou. Om al mijn geheimen met je te delen. Om je deelgenoot te maken, zei zij in al haar geloof en vertrouwen in haar schare lezers. Ik kan niet anders en zou het niet anders willen. En om je gerust te stellen. Daarstraks heb ik bijvoorbeeld zeer oprecht en met volle teugen genoten van een gram of wat goud in de kroeg. Dus het komt heus allemaal goed met mij. Zelfs met mijn Schrijven en Schrijversschap. Absofuckinglutely! Daar zorg ik voor, no worries. Just wait and see. Ik ga het je laten zien, ik zal het je bewijzen. I’m gonna blow you away!

Maar voordat ik blaas met veel meer dan gebakken lucht, trust me I will, hunker ik naar je arm om me heen. Wat warmte en genegenheid, gewoon omdat het me moed geeft. En kracht. Dus kom op, niet zo schuchter, gimme gimme gimme…Wacht ik zal beginnen. Ik omarm je met al mijn warmte, hoop en vriendschap, en voeg er nog een kus aan toe! Dus waar wacht je op?

xxx

I’m not calling you a ghost, stop haunting me*

And I love you so much, I’m going to let you kill me*

And she’s back! Trying to figure out life. En om zich te amuseren natuurlijk. Een eerste levensbehoefte zoals ik vorige week al zei. Want ook hier, met jou, is het rock&roll. En zie daar mijn eerste keuze. Het is jou geworden. Weg met u, weg met afstand. Ik heb behoefte aan intimiteit, ik wil je graag dichtbij me houden. Je bent tenslotte de enige die dit leest en misschien zelfs wel met me meeleeft. Als ik jou niet had..

Nee dat is onzin. Ik ben een zeer rijk mens als het gaat om de mensen om mij heen. Ze zijn talrijk en omringen mij met veel warmte. Ze geven me hun tijd, delen kun ervaringen en luisteren geduldig naar mijn idioterieën. Ze lachen met mij en om mij, denken met mij mee en bieden mij hun stevige schouder aan als mijn tranen vloeien. Ze pakken mij eens goed vast als dat nodig is en behoeden me voor gevaar. Of ze duwen me het diepe in als de tijd rijp is. De schatjes. Mijn vrienden en familie. Zonder hen ben ik nergens. Ben ik niets.

Als ik al ergens in geloof, dan is het in vriendschap. Het ware goud van deze wereld. Meer waard dan liefde. Wat?, zeg je. Ja, dat meen ik echt. Vriendschap is goud, liefde is zilver. Ik durf dat hardop te zeggen. Ook al ben ik dol op de liefde, wat zeg ik, stapelgek zelfs! Ik zweep met liefde, ik hou van liefde, ik droom ervan, ik hoop ooit weer op liefde in mijn leven. En juist daarom. Liefde kan zo allesomvattend zijn, zo allesverterend en zo fucking ingewikkeld. Daarom is vriendschap eigenlijk veel groter. Veel mooier in haar eenvoud. En veel veiliger voor je eigen persoon.

Kijk, het zit zo. In vriendschap loop je minder risico om jezelf kwijt te raken. Natuurlijk zijn hier uitzonderingen in te vinden, kijk maar naar de prachtige film Heavenly Creatures van Peter Jackson, maar in feite gaat het daar om liefde. Een afslag verder, of te ver, dat mag je zelf beoordelen. De intense vriendschap daar slaat om in die allesomvattende en zelfs vernietigende liefde. Liefde is net zo gevaarlijk als zij zoet is. Een wijsheid die ik door schade en schande geleerd heb (wat is dat toch een fijne uitdrukking. al heb ik werkelijk niets met schande). En aangezien ik erg hou van zoet, levert me dat steeds weer een hoop gevaar op. Nu hou ik ook wel van gevaar – al mijn naasten knikken nu heftig instemmend – maar het gevaar en de destructie die de liefde mij de laatste jaren heeft bezorgd, hebben mij bijna de kop gekost. Ik heb mijn liefdes ternauwernood overleefd. En daar zit ‘m de crux.

Mijn vriendschappen vernietigen mij niet. Mijn vriendschappen voeden mij, maken mij sterker. Vullen leegtes in mij, leren mij nieuwe dingen of verdubbelen bestaande. Allemaal, stuk voor stuk. Want ze zijn allemaal anders. Anders in vorm, anders in intensiteit, in kwantiteit, kwaliteit, in afstand: fysiek of mentaal. Hoe verschillend al die prachtige mensen ook zijn, ze zitten allemaal in mijn hart. Ik hou van al mijn vriendschappen, hoe lang of hoe kort ze al bestaan. Hoe tijdelijk of hoe duurzaam ze zijn. Het is een palet aan kleuren en geuren van mannen en vrouwen. Wat bizarre situaties op feestjes oplevert, kan ik je vertellen. Mensen die soms alleen mij delen. Verder niets. Maar op zo’n moment in mij wel een gemene deler vinden en daarmee ook hun horizon weer verbreden. Zo geef ik ook nog eens wat terug.

Sociologisch heet dat ook wel ‘the strenght of weak ties’. De kracht van een groot sociaal netwerk met een ‘lossere’ structuur. Niet dat al mijn sociale banden los zijn, maar een deel wel – en dan doel ik even niet op mijn bandeloosheid, die kan ik zelf ook wel inkoppen. Ik koester ze allemaal. Los en vaster. Bovendien is alles altijd in beweging. Alles verandert constant. Wat vandaag los is, is morgen zo intens dat ik de hele dag met een glimlach op mijn gezicht zit. Mensen komen en gaan, en keren weder. Ook dat gebeurt. Alles is mogelijk.

Maar bovenal, ik kan mijzelf zijn. En blijven. Ik stel geen randvoorwaarden in tijd, kwantiteit of kwaliteit. Mijn enige voorwaarde is dat. Die vrijheid. Onvoorwaardelijk en ongebonden genieten van elkaars gezelschap. Of dat nu eten, drinken, praten, dansen, cultuur, entertainment, elkaar bijstaan of zo nu en dan wat fysiek genot is. Het is allemaal met behoud van mezelf. Ik kan mijn eigen weg blijven gaan. Zij zijn mijn medereizigers, mijn medeweggebruikers. Ik en de weg die ik ga, zijn niet in gevaar. Goud dus.

En dat kun je van liefde niet zeggen. Niet dat ik iets tegen liefde heb, verre van. Maar, ze zet altijd alles zo op zijn kop. Ze verandert je perspectief op de wereld en haalt de grond onder je vandaan. Ze overdrijft zo. Tenminste, als ik liefheb. Zie je, ik ben nogal extreem. Een alles of niks meisje. Ik kan dingen niet half. Dus als ik liefheb, dan raak ik mezelf kwijt. Ik verlies mijzelf en de weg die ik wil gaan. En dat is op zich een fantastisch gevoel. Je geeft jezelf helemaal over aan die liefde, aan die ander en door die overgave stroomt je hart nog verder over. Een beetje zoals jezelf volledig overgeven en uit handen geven als sub in een bdsm spel. Dat is een ervaring zo bevrijdend en intens die ik iedereen kan aanraden, maar daarover een andere keer. Anyway, een overstromend hart dus. Ongelooflijk intens en geweldig en fenomenaal, maar zo verdomde destructief. Voor mij althans. In the end blijft er weinig over van wie ik ben. En dat is uiteindelijk weer slopend voor de liefde. Want er komt altijd een punt dat het restje ik in mij gaat rebelleren. De boel gaat opstoken. En dan draaien de rollen om en blijk ik ineens destructief voor die liefde. En, nu ja, de rest raadt zich vanzelf.

Gelukkig heb ik dan al die stevige schouders om op uit te huilen. Al die lieve grote schatten van me die de moed en levenslust in mij opnieuw aanwakkeren. Die de fik erin steken. In mijn Weltsmertz dan, he. Nee, ik weet wel waar ik de komende tijd voor kies. Laat dat zilver maar blinken en lonken. Ik kies voor het warme goud van mijn losse banden. Ik behoed mijzelf voor de gevaren van de liefde, hoe machtig mooi die ook kan zijn. Ik kan ze op dit moment niet aan. Ik ben nog niet op krachten om mij te meten met een nieuwe liefde. Hoezeer ik ze ook mis en mankeer bij tijd en wijlen. Ik kan niet, en bovenal ik wil niet.

Trouwens, ik heb er helemaal geen tijd voor! Ik moet potverdomme aan de slag! Ik heb niets dan inspiratie en nieuwe ideeën en veel te weinig tijd om er aan te werken. Zo komt het nooit goed met dat Schrijverschap van me…

Dus niet getreurd dat ik je nu weer even loslaat, ik moet wat wandelen op mijn weg. Daar pluk jij uiteindelijk ook de vruchten van. Een dikke kus en tot snel!

xxx

*I’m Not Calling You A Liar van Florence+The Machine